Het is een machtig mooie traditie in april; een weekje vakantie met het Roadburn-festival als middelpunt van alle belangstelling, met uitstekend gezelschap, een goed onderkomen, prima bier en behoorlijk lekker weer van ’s middags tegen de 17-18 graden, regelmatig een zonnetje en maar een enkel spatje. De eerste dagen fietsen we nog redelijk warm naar ons huisje (rond de 12 graden), op zaterdag en zondag koelt het verder af naar een graadje of 7. Tot zover het weerbericht. Roadburn is nog altijd wel van de heavy muziek, dat zich nog steeds verder oriënteert in het thema ‘redefining heaviness’. Soms schiet het alle kanten op, van blackmetal tot rustige folk, met ook dit jaar wat elektronische acts, waaronder ook wat techno-achtige acts om je de nacht in te loodsen. Hoeft voor mij niet allemaal, maar dit jaar staat er veel meer groen gekleurd in mijn clashfinder, dus blijkbaar is dit ook voor mij een goede editie. Ik weet van tevoren dat ik best een hoop ga missen, op sommige momenten kan ik niet alles zien wat ik wil zien. En dan mis ik ook nog eens alle secret shows; voornamelijk in het Ladybird Skatepark, maar ook in het aangrenzende Hall of Fame worden een aantal acts toegevoegd aan het programma (wat ook de lege plekken in het schema verklaart natuurlijk). Muzikaal blijft Roadburn dus nog wel een spannende ontdekkingsreis, waarin mijn looproute voornamelijk bepaald wordt door de genres die ik dan wel leuk vind, met hier en daar wat uitstapjes buiten mijn bubbel.

Geen hele grote inleiding verder, dat heb ik andere jaren al wel genoeg gedaan. De aankleding is ongeveer hetzelfde dit jaar en alleen het statiegeldsysteem is (gelukkig) vereenvoudigd. Gewoon een euro statiegeld per beker en die kun je bij de bar weer inleveren, of je doneert het een keer voor het goede doel in een van de bakken. Muzikaal gezien een goed programma dit jaar, met voor elk wel wat wils en zo beleeft iedereen het festival weer anders, maar het gevoel van saamhorigheid is er ook gewoon weer en dat is fijn. Een fijn volkje waar je helemaal jezelf kan en mag zijn en iedereen weer even vriendelijk – ook weer aan elke bar, zo valt me weer op. Zoals altijd komt het grootste deel van de bezoekers uit het buitenland, wat vooral opvalt als je vaak de langste bent in de zaal. Zo lang ben ik nu ook weer niet, maar de buitenlanders zijn gemiddeld dus wel een stukje kleiner. Zal wel aan de schoolmelk hebben gelegen. Nou goed, een mooi weekje vakantie dus, met prima muziek. Net zoals elk jaar zijn er genoeg speciale optredens waarbij bands hele albums integraal spelen of speciaal iets voor Roadburn hebben gemaakt. Het is een mooie mix van bekende, maar ook van heel veel nieuwe bands. Dat vergt altijd erg veel voorbereiding, zodat ik ongeveer weet wat ik niet wil missen. Ik hoor creatief directeur Walter Hoeijmakers nog zeggen dat je vooral een beetje met de flow mee moet gaan en geen vast programma moet uitstippelen, gewoon op ontdekkingstocht gaan en je laten verrassen, maar goed, zo zit ik niet echt in elkaar. Ik heb zo mijn dingen die ik graag wil zien en dat zorgt als vanzelf voor een mooi spoorboekje. Juist omdat ik dit jaar nog best een hoop het aangestreept, gaat het spontane er daardoor wel wat vanaf natuurlijk en daardoor zie ik ook geen secret shows, al spraken me die ook niet altijd aan. Daarbij komt dat ik de laatste jaren minder wil zappen en vooral graag hele shows wil zien of anders even relaxen. Maar goed, veel leuke dingen gezien dit jaar, waaronder ook weer een paar dingen in het OFFROAD-programma. Het is weer eens tijd voor een overzichtje…
Woensdag
We starten uiteraard met Roadburn pre-party The Spark op woensdagavond. Gelijk een mooi moment om even je festivalbandje te halen, al heb je die vanavond niet nodig om 013 binnen te komen. Weer drie bands in de kleine zaal (Next Stage) aldaar, om het festival al een beetje fijn af te trappen en daar is dit jaar behoorlijk belangstelling voor. Eerste band aldaar is de voodoo-infused psychedelische blues rock en soul van The Bird Experience, volgens de beschrijving een van de meest spannende bands uit de hedendaagse Nederlandse underground. Zanger Mees Vullings kennen we van de band Heath, dat hier ook al eens stond en waar Vulling ook mondharmonica in speelt. Het ademt (volgens de beschrijving) de geest van Screaming Jay Hawkins, Paul Butterfield en Eric Burdon & War. We zien een soort big band, met een hoop spelers op het podium inclusief achtergrondkoor. Het schiet verschillende kanten op, met alt-blues uit de jaren zeventig als een soort rode draad, maar ook wat polka en (wat ik ter plekke typeer) als Carnivàle-muziek. Beetje belegen en soft voor mijn smaak vrees ik, al is het allemaal netjes gedaan, voor dit festival hoop je toch op iets meer opwinding dat een band als Heath zelf wel heeft.

Vervolgens staat er een enorme rij voor de kleine zaal voor Crippling Alcoholism, dat haar eerste show op Europese bodem speelt. We blijven daarom maar wat in 013 hangen en gaan veel later toch nog een poging wagen en zien nog iets van twee nummers van deze gothic post-punkband uit Boston. Je moet een beetje houden van de intense zang, maar uiteindelijk valt het me helemaal niet tegen live, de band had ik verder niet echt aangestreept ook. Het is al wel snel afgelopen, tien minuten voor tijd zelfs, geloof ik. Nou ja, morgen weer een kans, want dan staan ze in de The Terminal in de vroege middag. Bad Breeding slaan we dan maar even voor het gemak over (niet helemaal ons ding, al heb ik ze wel een keer gezien in Merleyn) en keren op tijd terug naar ons huisje, waar het de eerste avond uiteraard weer veel te laat wordt, maar wel erg gezellig.
Donderdag
We zijn er nu toch.. Niet aangestreept, maar dat stukje van gisteren klonk niet heel verkeerd, dus we zien nu wel de vrijwel de volledige set van Crippling Alcoholism, maar dan in The Terminal, waar ook veel meer mensen in kunnen natuurlijk. De band trekt wel belangstelling dus. Het blijft een beetje ongrijpbaar genre, dit soort gothic post-punk of alt-rock, nog best melodieus geserveerd met gladmakend synth-werk. Gelukkig bijten ze ook wel wat feller van zich af, afgewisseld met de sfeervolle stukjes gedreven door de synthesizer. De kenmerkende donkere en wat licht raspende zang van Tony Castrati kan op je zenuwen werken misschien, maar ik kan het goed hebben blijkbaar, het heeft wel wat. Op het einde mag de gitariste op links (voor de kijkers) ook nog een stuk meezingen in mijn herinnering en dat klinkt ook niet gek (“Sweet Talk” geloof ik), waarna het ook vandaag ineens vroeg is afgelopen. Geen band om ver voor te reizen misschien, maar als opstarter wel even okay.

Het is handig overstappen in dezelfde koepelhal naar The Engine room (waar ik vorig jaar niet eens geweest ben) voor (de avant garde noise van) Shearling uit Los Angeles. Interessante en nog jonge band dit, bestaande uit Alex Kent en Sylvie Simmons, die samen doorgingen na het uiteenvallen van Sprain en hun krachten bundelden met drummer Andrew Chanover en bassist Wes Nelson. Lekker onnavolgbaar dus, het voelt proggy aan en soms grotesk, soms met doomy slagen en headbangriffs, maar ook wel soms erg lang uitgerekt, je moet het wel spannend weten te houden. Ook wel fijn zo’n Hammond-orgel in het geheel. Heel dynamisch allemaal, van stil/rustig naar meer beuk en noise-werk. Zeker tegen het einde zit ik hard mee te headbangen, waarna ineens een lang stuk gezongen ‘Hallelujah’-stuk de energie er wel weer uithaalt. Toch wel een aardig afwisselend en eigenzinnig optreden.


Er staan ook dit jaar lange rijen voor de Hall of Fame, dat is ook geen hele grote zaal natuurlijk. De belangstelling daar voor Machucka levert tijdens het optreden nog een rij op tot buiten en we gaan daar maar eens op tijd wachten op Dead Neanderthals, de lokale helden (uit Nijmegen), die ik ook wel eens heb moeten missen, maar ze hebben (dacht ik) weer iets nieuws gemaakt voor deze gelegenheid en ik vind het wel leuk om de band mee te pakken (in 2022 speelde ze nog een set met Solar Temple op Roadburn). René Aquarius op drums uiteraard, horen we vandaag in de intense set ineens ook zingen, of noem het diep grommen. Ze hebben een passie voor grindcore natuurlijk. Otto Kokke dus op synths, zoals hij dat de laatste jaren doet, in het verleden zagen we hem vooral op sax. Knap hoe het duo hier toch weer een harde set neerzet zonder gebruik te maken van gitaren, maar de drones vibreren lekker de zaal in. Wat een lekkere beukset!


Het gaat er heel anders aan toe met de psych van Fauna (GBG), met dansbare, kraut-ritmes. Ik had de band uit Göteborg wel dik aangekruist, misschien ook wel door het fijne optreden van Uran GBG en The Exorcist GBG op Roadburn 2019, ik neem aan uit hetzelfde collectief, enkele leden van Uran GBG zouden hier ook in zitten, begreep ik. Het doet ook wel denken aan Ozric Tentacles, aldus Bob Rusche in een uitzending van X-Rated, waar Walter Hoeijmakers te gast was, en deze band deed Hoeijmakers dan weer denken aan een rave versie van Dead Can Dance (als ik dat goed heb onthouden). Beetje vrolijke versie van Föllakzoid misschien ook wel of neem een band als GOAT, met een leuke hoofdrol – echt waar – voor de dwarsfluit. Met Arabische/Oosterse ritmes en zang ook. De zaal danst en krijgt er geen genoeg van en daarom spelen ze gewoon maar nog een nummer, ook al is de tijd op. Goede snor heeft de bassist ook. Nou ja, misschien gaat het soms wat lang in hetzelfde door, met variaties op hetzelfde thema, maar dan moet je je maar in een trance laten meevoeren. Leuke en spontane band.



Gelijk door naar de grote zaal om even te spieken bij Ufomammut, dat hier AION: The Eternal Coil, presenteert. Naar eigen zeggen‘een unieke en intieme performance speciaal ontworpen voor deze terugkeer: een circulaire sonische reis door waar we zijn geweest, waar we zijn en wat zich nog ontvouwt, op zoek naar de volgende dimensie.’ Ufomammut heb ik al wel vaker gezien en dat is nooit echt een straf, al is het soms even de vraag met wat voor materiaal ze optreden, het laatste album – zo staat me bij – vond ik een stuk minder. Maar we blijven hangen hier voor dit werk, want het klinkt erg fijn, een soort spacey post-metal, drones en post-doom of whatever. Lekker groots opgezet allemaal, schuivend van Pink Floyd-achtige space en een lik melancholie naar reutelsludge, alsof het allemaal geen moeite kost. Vaak ook lekker groovy. Urlo op bas zingt hier weer een beetje naast de toon soms, iets wat hij een dag later solo beter doet trouwens. En die nieuwe drummer (Levre) die ze inmiddels hebben is gewoon beregoed ook. Machtig optreden van dit Italiaanse trio.


Daarmee missen we het beginstuk van Acid Mothers Temple in de Engine Room, dat toch voor de nodige opwindende psych moet zorgen op het festival. De muziek van de Japanners ken ik niet zo goed, maar er is op dit festival drie mogelijkheden om de band te zien als ‘artist in residence’, met een past, present en future set. Vandaag de ‘past’ set, met ook zangeres Cotton Casino die met alle drie de sets meedoet (ze heeft sinds 2004 niet meer met ze opgetreden). Als ik binnen kom lopen is ze net een wat vals stukje aan het zingen, maar ze houdt het verder grotendeels bij de elektronica. Op rechts voor de kijkers Kawabata Makoto, de belangrijke gitarist en drijfveer achter de groepen en op links Jyonson Tsu op gitaar (dacht ik toch). Op bas herkennen we opvallend genoeg (ik wist het niet) Taigen Kawabe, van Bo Ningen. Ook opvallend dat ze met twee bassisten op het podium staan. Och ja, als twee drummers soms kan, waarom dan niet? De lekker wilde drummer moet dan Satoshima Nani zijn. In het midden Higashi Hiroshi, die overal dezelfde space-bliepjes onder zet en wat knort over de geluidsmix. Na de wat ruistige start begint het dan langzaam wat opwindender te worden naar langer uitgerekte psych en space om wild op te dansen, ongetwijfeld gevoed met een hoop impro-jams. Heel lekker.



Maruja tipte ik vorig jaar en die hebben ze daadwerkelijk geboekt, wat denk ik niet meer dan terecht is, de band uit Manchester liet op Zeitgeist 2024 al zien dat ze een aardig potje kunnen breken. In de sfeer van redefining heaviness, bieden ze een mooie mix van stijlen, met jazzy sax en hiphop-like zang, is het dikke punk en noise wat de klok slaat. Met een enorm knallende drummer ook. De sax wordt erg strak gespeeld door Joseph (Joe) Carroll, waarbij je twijfelt of dat dan ook niet op de meelopende track staat. Ik hoor sowieso meer dan er live daadwerkelijk wordt gespeeld, ook de zanger heeft in het begin helemaal geen gitaar om. Maar het is dik aan met dit trio en het publiek gaat er – vooral vooraan – wild op mee, terwijl ze hier en daar ook een paar prachtige sfeerstukjes inlassen, dat is gedurfd. Verder spat Maruja live van het podium af. En goed ook. Belofte ingelost.


Ik geloof dat de rij voor Unsane dan erg groot is (Next Stage) en we kijken nog even bij de techno-set van Blawan in de grote zaal van 013, maar dat is nogal hard beukwerk met de subwoofers op orkaankracht (vooral storend op de trappen achterin trouwens). Ik kan er toch niet echt in meegaan en dit soort elektronische beukdance hoeft voor mij sowieso niet zo, helaas.
Vrijdag
Even rustig opstarten op de vrijdag met The Mon in de Hall of Fame, wat een soloproject is van Ufomammut-bassist en -vocalist Urlo. Het beginstuk is in elk geval rustig, waarbij we Urlo met gitaar zien. Zoals gezegd zingt hij hier ook en dat komt wat beter uit de verf vandaag. Het is ergens wat folky misschien, met likjes drones en uiteindelijk wat meer distortion. Uiteindelijk maakt Urlo het allemaal donkerder, zeker als hij dan ook nog eens zijn gitaar omruilt voor zijn elektronica en daar een meer dreigende en onheilspellende kant op gaat, met ook dikke drones. Interessante ontwikkeling in de set, al houdt hij hiermee de zaal niet vol. Wel een prima opstarter zo van de dag, al is Ufomammut nog een maatje massiever natuurlijk.



Even binnenlopen bij Planning For Burial (regular set), een eenmansproject van Thom Wasluck en volledig DIY (hij verzorgt ook artwork, productie en mastering). Hij werd in 2018 (waar hij ook op Roadburn stond) door Robert Smith uitgenodigd om te spelen op Meltdown Festival. Weet je gelijk waar de zang me ook een beetje aan doet denken. De Engine Room staat aardig vol voor deze eenmansband, waarbij dan uiteraard veel van een meelopende track komt, zelf speelt Wasluck gitaar. Ik kom er alleen niet echt in vandaag, het is iets minder mijn ding.
Even doorlopen dan maar en kijken bij Wiegedood x Bl!ndman en dat is dan wel een goede keuze, althans dit bevalt me wel. Althans, als we binnen lopen klinkt nog wat meer van de ouderwetse blackmetal van de Belgische band en dat trek ik wat minder, maar dat verandert toch wel snel. Knap hoe zo’n band een heel andere kant op durft te gaan, met Bl!ndman op saxofoon. ‘Een uniek samenwerkingsproject waarin drone-geïnspireerde werken uit de 20ste en 21ste -eeuwse muziek vermengd worden met de textuur van immersieve geluidsmuren uit de hedendaagse experimentele metal.’ We horen in dit stuk zowel nieuw origineel werk als herinterpretaties van bestaand Wiegedood-materiaal. Met in totaal vier saxofonisten nemen ze de tijd en dat duurt soms erg lang, je wacht dan toch op wat erupties, maar het is toch wel bijzonder. Een stukje blastbeats tussendoor om daarna weer de rustige kant op te zoeken, het spel intrigeert.



Later gaan we terug naar de spoorzone voor de kosmische folk van Haress in de Hall of Fame. De band uit Engeland werd opgericht door David Hand en Elizabeth Still en bracht hun debuutalbum uit in 2019. Met een shirtje van Lankum van de drummer, weet je ook wel wat ze zelf leuk vinden, zou je denken. Ze hebben getourd met Godspeed You! Black Emperor, maar zo massief wordt deze muziek niet. Het is niet onaangenaam, maar wel wat loom, het zou ook wat dikkere gitaarfuzz niet misstaan denk ik. Maar dat zal wel smaak en persoonlijke voorkeur zijn.

Maar op tijd weer terug richting 013, waar Acid Mothers Temple nog een keer staat, met hun ‘present’ set (gisteren was – eh – past). Nu in de Next Stage staat het geluid ook wel een stuk beter en fijner dan gisteren in de Engine Room, waardoor het nog fijner wegtrippen is met de band. Met name de gitaar is beter te horen en het hele geluid klinkt wat warmer en voller. Sowieso weinig te klagen over het geluid verder, in deze zaal staat het dit jaar altijd perfect. De set van de Japanners lijkt wat op die van gisteren en zo mogelijk worden we nog beter meegetrokken in de psych space funk en groove. Heerlijk!





We maken de keuze om de rest van de avond in Paradox te blijven hangen, met name om ook zeker te zijn van Zu. Daarmee moeten we helaas een band als Backengrillen missen (en wat eerder missen we ook Slow Crush en Scattered Purgatory) op deze drukke vrijdagavond. Maar goed. De wat oudere knarren van 137 trekken de Paradox goed vol, met ook Jim Barr op bas (Portishead), zo lees ik dat ergens rond het optreden. 137 is de band van saxofonist/blazer Larry Stabbins, die met zijn muzikale vrienden een improband wilde oprichtenmet verder ook Adrian Utley (gitaar, synths, bas) en Sebastian Rochford op drums. Jazzy en proggy, met flexibel werk, met lichte scherpte en soms ook wel richting steviger is het een prima opmaat voor Zu.




Het is dan lang wachten op Zu, maar wel de moeite meer dan waard. Het Italiaanse trio heeft net een lange en geniale plaat uit (Ferrum Sidereum) en dat moet ik live zien. Het was ook al even geleden dat ik de band op Roadburn zag staan (2017), dus zoveel kansen komen er misschien ook niet om deze klasbakken aan het werk te zien met hun stuiterende noise rock, avant-jazz en post-metal. Doordat we er zo vroeg staan weten we een prominent plekje te bemachtigen op een van de stoeltjes (er staan weer twee rijen) vlak voor het podium en dat is werkelijk waar een fantastische ervaring. Insane gewoon, om Luca T. Mai zo vlak voor mijn neus aan het werk te zien (sax, synths/keyboard), alsof het hem allemaal niet zo heel veel moeite kost, maar het is allemaal complexe materie. Wel goed. Heel goed. Extreem goed. Bizar goed. Massimo Pupillo is ook een kanjer op bas en drummer Paolo Mongardi (waar we in 2017 nog Tomas Järmyr zagen) is ook gewoon een beest. De band bestaat inmiddels al 30 jaar, maar heeft en geeft de energie van jonge goden. Anderhalf uur lang! Geniaal. Gewoon geniaal.





Zaterdag
De zaterdag begint met een volle Terminal voor Blackwater Holylight (uit Portland, Oregon) dat hier haar (vierde studioalbum) Not Here, Not Gone in zijn geheel speelt. We zagen de vier vrouwen eerder in 2023 op Desertfest en dat was al best aangenaam. Denk shoegaze vooral, met psych en doom invloeden. Melodieus en dromerig, maar ze kunnen ook wel steviger uit de hoek komen. De zang is etherisch mooi, met soms wat zoete melodieën, maar dat kan best in dit genre. Grappig dat er ergens ook gewoon wat blastbeats in worden gegooid. Stoer.

Vandaag en morgen staan er wel een aantal bands die prima passen op Roadburn en net wat buiten mijn normale bubbel opereren, maar me wel intrigeren. Daar is Roadburn bij uitstek voor geschikt. Zo viel me Aho Ssan & ASIA al op tijdens het inluisteren en dat blijkt in de kleine zaal van 013 ook een bijzondere act te zijn, met elektronica/drones en vioolwerk, dus zonder percussie. Het past ook wel op deze vroege middag. Aho Ssan is de Franse elektronische muzikant Niamké Désiré, die overigens ook grafisch ontwerp en film studeerde. Hij maakt hier zijn Roadburn-debuut met violiste ASIA. Een beetje willekeurig, dat wel, maar de soundscape-achtige muziek bevalt me verder wel. Lekker sfeertje, in een behoorlijk donkere zaal.


Ondertussen staan er ook bands in het OFFROAD programma, dat vrij toegankelijk is op diverse locaties in de binnenstad, zoals ook in diverse cafés. Nu heb ik toch al een vol programma, maar ik had een paar dingen aangestreept, die de moeite misschien wel waard zouden zijn. To Adelaide in Kafee t Buitenbeentje komt dan even goed uit om te gaan bekijken, en dat is een punk/shoegaze band uit Tilburg, opgericht in 2017 toen Luc Jeuken aan de Rockacademie studeerde. De zang is net wat minder sterk, maar ook wat minder goed te horen, da’s handig. Even een stukje meer toegankelijke rock dan wat er op Roadburn zelf staat, leuk in zo’n klein voorportaaltje van het café.

Terug naar de Next Stage voor nog een andere aparte band. RÓIS uit Noord-Ierland is ook een duo (net zoals Aho Ssan & ASIA), bestaande uit Rose Connolly (zang, elektronica) en een drummer. Ze staat bekend om haar zang in de stijl van traditionele Ierse klaagzang (Iers: caoineadh), waarbij haar (goede) zang me af en toe doet denken aan Anna von Hausswolff. Het duo heeft zwarte maskers op, naar eigen zeggen: ‘you can express yourself more freely with the mask on’. Sommige stukken zijn prachtig en andere gedeelten klinken wat meer pretentieus, maar het blijft ergens wel boeien. Ook wel interessant is de hele andere versie van Nirvana’s “Something in the Way”. Bij vlagen erg mooi dit. Mooie quote horen we trouwens: ‘If grief can be a doorway to love, then let us all weep for the world we are breaking apart so we can love it back to wholeness again.’

Gauw nog even naar de beste band (naar mijn smaak dan natuurlijk) van het OFFROAD programma, waar we gelukkig even de tijd voor vinden en we ook nog weten binnen te komen natuurlijk (in – wederom – Kafee t Buitenbeentje). Taupe komt uit Glasgow en maakt ook van die complexere math-jazz. Hun geluid trekt math, no-wave, improvisatie en sludge naar elkaar toe in een set vol frictie, grilligheid en abrupte wendingen, aldus de beschrijving. En zo is het. Deze band had ook makkelijk in de Paradox kunnen staan, en zo goed zijn ze dan ook echt. Werkelijk een trio kunstenaars die hier het café vakkundig afbreken en zich netjes aan de lengte van hun set van een half uurtje houden. Jammer eigenlijk, hier had ik graag meer van gehoord.

Mooie opmaat naar het Belgische Kameel in de Paradox, sinds 2023 al op mijn radar (tip van mijn broer) en fijn om eens live te zien. Vorig jaar ook getipt voor dit festival. Ze beginnen gelijk maar met het titelnummer van het album Trugschluss uit 2023, dat ik hier nog een keer heb beschreven. Kameel is een trio met getrainde muzikanten zoals Patrick Steenaerts (gitaar), Hans Mullens (bas) en Geert Roelofs (drums). Het Belgische trio zit in de hoek van jazz en rock of kraut, maar kent meer invloeden zoals psych- en progrock. Ook vandaag doet me dat regelmatig aan Dans Dans denken. Ze nemen rustig de tijd om de sfeer op te zetten en zetten af en toe scherper aan. Rudy Trouve mag twee nummers meezingen, hij is b.v. te horen op “Bleak” van het album Variomatic, waar ook het titelnummer van voorbij komt. Dat album uit 2025 moet ik toch nog eens wat vaker opzetten. Fijn bandje toch, met finesse en de nodige diepgang.




Stukje Bitchin Bajas dan, wederom in de Next Stage, een band van Cooper Crain van Cave, samen met Rob Frye en Daniel Quinlivan. Met rustige analoge synths en (jazzy) sax en ergens ook een dwarsfluit. Beetje kabbelend en loom wel, al heeft ook dit wel een apart sfeertje. Instrumentale wegzweef soundscapes, zou je kunnen zeggen. Wel fijn dat er later in de set toch ook wat elektronische percussie wordt toegevoegd en het tempo wat omhoog gaat.

Tijd voor een lange break, want we zijn ook geen dertig meer. Wat dat betreft vind ik de spoorzone altijd een fijne plek om even rond te hangen ook, lekker blikje bier mee te pikken bij Stoom 013 en even hangen in de stoelen of banken van de Hall of Fame. Kunnen we mooi de rij in de gaten houden voor Industry (punk/post-punk) in de Hall of Fame, waarmee ik die derde set van Acid Mothers Temple iets verderop maar even laat schieten, twee keer was al heel mooi. Industry werd eind 2023 in Berlijn opgericht en vestigde zich al snel als een van de meest essentiële stemmen in de Europese DIY punk underground. Denk dus post-punk en punk-hoek met van die eighties klinkende en pompende bassen, een beetje Killing Joke, maar dan wat rauwer, merk ik ook. Aardig, maar veel van hetzelfde, dus ik ga toch maar op tijd richting 013.


Want daar speelt het almachtige SLIFT, dat de main stage vanavond mag afsluiten met een dikke set, zoals we het ook zagen op het Valkhof Festival vorig jaar, waar ze ook al nieuwe nummers speelden van het nieuwe album Fantasia. Lange zin. Het Franse trio brak toen wel de spreekwoordelijke tent af vond ik, met goed nieuw materiaal dus, al valt me nu toch op dat wat nummers nog best melodieus zijn. Iets minder elektronica geneuzel, maar meer gas op die lolly. En dat allemaal vlak voor het podium aanschouwen, waar het geluid nog verrassend goed staat (ik had daar teveel bas verwacht, maar dat is helemaal niet zo). Psych-/kraut-/spacerock dus of stofzuigerpsych, met wat lelijke zang uiteraard, maar dat kan ik best wel van ze hebben. Naast al dat nieuwe werk (het album komt uit op 5 juni) ook nog bekende kleppers als “Ilion” en “Ummon” en dat zorgt weer voor de nodige extase vlak voor m’n neus en een blauwe teen als iemand op mijn voet gaat staan. Maakt niet uit. Met het sublieme gitaarwerk van de heren en de heerlijk smerige psychedelische stroomstoot aan energie, samen met de visuals… Dat alles bij elkaar sluit de zaterdagavond in optimale stijl af. Nu de organisatie nog vragen meer van dit soort heerlijke psychbands te boeken, er zijn er genoeg (zie tips vorig jaar en dit jaar).





Zondag
Even rustig opstarten bij Siem Reap, de hoofdstad van de gelijknamige provincie van Cambodja, maar ook de naam van de act van gitarist Gilles Demolder, bekend van post-metal bands als Oathbreaker en Wiegedood. Rustige muziek dus, dat vast ook veel gedraaid wordt bij het Belgische radioprogramma Duyster. Met vier spelers klinkt het wel vol en hier in de Engine Room heeft het een erg mooi en bijzonder randje, ook al is het voor mijn doen dan toch wat soft en blijft het toch wat vlakjes na verloop van tijd.

Even door naar het (eveneens Belgische) Slow Crush in de main (België, shoegaze, dreampop, grunge) dat hier het nieuwe album Thirst speelt. Afgelopen donderdag speelden ze nog het Aurora-album, maar dat moest ik toen missen. We zagen de band eerder op Soulcrusher 2023 en Grauzone 2024, dus we kennen de band inmiddels een beetje. Categorie shoegaze, dreampop en grunge. Vandaag ook met fijne visuals, dat is altijd een plus. Het trekt me wel aardig de diepte in, ook al blijft het soms een beetje hangen in de lome speer. De poppy melodietjes omgeven door wolken gitaar en hier en daar een fijn riffje, uiteindelijk wil het wel beklijven natuurlijk, zeker met de prima zang van (de Brits-Filipijnse) Isa Holliday, tevens bassiste.


Nog zo’n bijzondere act in de kleine zaal in 013, misschien wel de fijnste zaal dit weekend en altijd goed voor interessante ontdekkingen. Lili Refrain komt uit Rome en zit in de hoek van folk, drones, elektronica, hypnotische ritmes. En prachtzang. Ze maakt geweldig gebruik van loops om haar nummers groots op te bouwen. Vaak rustig opgezet naar ritmisch interessante stukken en slimme composities. Met charmante Italiaanse tongval zegt ze hoe blij ze is hier te staan en dat is erg oprecht. De zaal smult ook, zeker als alles nog wat dansbaarder wordt en ook de elektrische gitaar voor de stevige noot zorgt. Enthousiaste dame, uitzinnig publiek. En terecht. Voor mezelf ook weer het bewijs dat het goed is om af en toe uit mijn comfortzone te kruipen.


Ondertussen speelt Inter Arma de EP The Cavern op de main. De band had ook nog ergens een secret show met het Sky Burial-album en die had ik ook nog best willen zien. Beide albums trek ik nog wel aardig goed geloof ik, het recentere werk heb ik dan weer wat minder mee, maar het blijft een band die alle energie er elke keer voor 100% in gooit en dat is altijd wel machtig mooi om te zien. Mooi herkenningspunt blijft altijd die roze korte broek van de drummer, grappig. Het is wel bijzonder dat ze dit nu live brengen, het nummer van 40+ minuten werd uitgebracht in 2014 maar werd al jaren eerder gemaakt. Van Americana-achtige black metal tot doom, stonerrock en progrock. Volgens hun eigen beschrijving dan. Gastmuzikanten zijn naar verluidt Sunny Faris van Blackwater Holylight en Johanna Kouwenhoven op viool. Dit is wel de Inter Arma die ik graag zie. Een sterk staaltje.

De zondag is voor mij een dag om vooral in 013 te blijven hangen, aangezien ik daar de meeste bands had aangestreept. Dan komt het ook wel uit om even SANAM mee te pikken in de kleine zaal, de band uit Beiroet combineert rock met psychedelische elementen en hoekige jazz, zo kunnen we lezen, en combineert dat met traditionele Egyptische liederen en moderne Arabische poëzie. De zang van Sandy Chamoun is dan erg ook wel erg goed en de band sleept je mee in funky dans en psych. Fijne meevaller hier, dat erg goed wordt ontvangen ook door het publiek.


Wat rustpauze en dan toch nog even kijken bij Boris (dat ik in 2018 nog zag optreden op Roadburn met Stephen O’ Malley), dat hier gisteren al optrad met het Pink Days-album en vandaag Flood speelt op de main stage van 013, het tweede studioalbum van de Japanse experimentele band, uitgebracht in 2000. Dit soort albums positioneerde de band als pioniers binnen drone- en doommetal, zo lees ik, waar de band ooit begonnen is als een sludge/noiseband. De diverse stijlen horen we vandaag ook weer van het trio. Het is nog even wennen aan de wat rauwe stijl en de wankele stem van gitariste Wata (Yoko Mizuno), ze laat misschien beter haar gitaar spreken. Gelukkig zingt ze niet zo veel, haha. Scherpe psych gaat over in rauwe punk, waarna het nog wat sneller gaat met snel drumwerk. In mijn herinnering gaat het dan uiteindelijk over in een magnifiek stukje drone/doom-metal, behoorlijk anders weer dan het begin. Goed om te blijven staan hier dus, de Japanners zijn van meer markten thuis.


ECHT! uit België is dan weer hele andere koek en bouwt een dansfeest in de kleine zaal, met een drum & bass-achtige set, met jazzy funk, gewoon live gespeeld. Ik vind dat echt wel lekker en goed gedaan, maar mijn lichaam en hoofd lukt het niet om er lekker in mee te gaan, hoe goed en strak de band ook speelt. De zaal danst er hard op, dat zeker. Het deed me ook wel wat denken aan Lander & Adriaan trouwens. Mischien kan ik de band nog beter waarderen op een ander moment.

De laatste van een lange, maar machtig mooie Roadburn. Het fijne K-X-P uit Finland. Ja, geen dikke dance zoals net met ECHT!, maar meer een soort meeslepende en lang herhalende technopsych of neoprog om wat meer op weg te zweven of te trippen. De band stond al in 2015 op Psych Lab in Eindhoven trouwens, toen ook met twee drummers en Timo Kaukolampi (gitaar, elektronica), de K in K-X-P. Die zit met Tomi Leppänen (ook in Circle) ook in Haunted Plasma dat hier vorig jaar ook afsloot. En nog een tweede drummer, misschien is dat dan Anssi Nykänen. Dan missen we nog steeds bassist Tuomo Puranen als ik het goed heb (de P in K-X-P), maar goed. Ik vind het wel lekker, al duurt de opbouw ook mij wat lang hier en daar, maar toch vind ik het wel een fijne afsluiter van het festival.

Mooi geweest. Mijn energie is ook echt wel op nu. Hoogtepunten van het festival waren zo ongeveer, in volgorde van opkomst: Dead Neanderthals, Fauna (GBG), Ufomammut, Acid Mothers Temple, Maruja, 137, Zu, Taupe, Kameel, SLIFT, Lili Refrain, K-X-P. Zeker ook prima: Shearling, Crippling Alcoholism, The Mon, Wiegedood x Bl!ndman, Blackwater Holylight, Aho Ssan & ASIA, RÓIS, Slow Crush, Inter Arma, SANAM, Boris. Het is maar een mening.
Gemist, want je kunt nu eenmaal niet alles zien, o.a.: Pain Magazine, Frimangron, Cult of Luna, Unsane, Scattered Purgatory, Lathe of Heaven, Nothing, Bismut (OFFROAD), Primitive Man, Prostitute, The Fifth Alliance (OFFROAD), Heavy Jazz Jam, KMRU, Orcutt Shelley Miller, DJIIN.
Vorig jaar gaf ik hier wat tips voor het festival van volgend jaar (bands die er ook nog niet hebben gestaan – voor zover ik weet), want je weet maar nooit of dat zin heeft, maar het is ook voor mezelf wel leuk zo’n lijstje te maken. Die van vorig jaar ga ik dan niet allemaal herhalen, maar die mogen van mij uiteraard alsnog allemaal voor 2027 geboekt worden, al zijn daar er uiteindelijk wel een aantal dit jaar op het festival verschenen, zoals Maruja en Kameel (in de Paradox) en Bismut (in de OFFROAD in Little Devil). We gooien er gewoon nog een paar bij: Glass Beams, Der Neue Planet, ATLANTA, Triptonus, Angine de Poitrine, Gates of Kiev, Maragda, Gondhawa, Helicon, Golden Hours, Doom Gong, Sageness, Tarmak, NRTHRN, TFNRSH, Party Dozen, Gu Vo, Ornamental, Hooveriii, Rosa Damask (voor Paradox), pôt-pot, indirekt grell, We Lost The Sea, Those Who Didn’t, Splitterzelle, Lemondaze, Spacejunk Mafia, The Orchestra (For Now), Vojdi.
Mooi dan. Klaar. Roadburn 2026 was weer machtig mooi in alle opzichten. Het festival is terug in 2027 op 15 t/m 18 april en daar kun je al je tickets voor kopen. Misschien zie ik je daar!






