Elder (uit de Verenigde Staten, tegenwoordig gevestigd in Berlijn) heeft inmiddels wel een succesformule gevonden. Waar de band van Nick DiSalvo en consorten in het verdere verleden meer in de hoek van wat ruwere stonerpsych zaten, is het al wat jaartjes meer richting melodische prog gegaan, met complexere en daarmee interessantere composities. Bovendien is DiSalvo een stuk beter gaan zingen. Zijn stem hangt nog steeds hangt als ijle lucht boven de songs en dat maakt de muziek van Elder wel herkenbaar.

DiSalvo is wel een druk baasje, hij komt ook vaak in de buurt met Delving (zijn solo-studioproject) en Weite (waarin hij drumt). Gitarist Michael Risberg speelt ook in alle bands, bij Delving live vooral geloof ik. Waar die twee de tijd vandaan halen om dan ook nog regelmatig nieuwe albums te maken weet ik niet, maar het is allemaal fijn werk. In Elder verder nog Jack Donovan op bas en Georg Edert op drums, voor de volledigheid. Live speelde Fabien de Menou nog mee op toetsen, maar die lijkt geen rol te hebben op Through Zero, het zevende studioalbum van Elder met zes langere nummers in 54 minuten. Het zijn allemaal weer avontuurlijke pareltjes met een hoop sfeer, mooi gelaagd en divers. Met de balans zit het wel snor, van relaxed en behoudend tot wat steviger met ook wel het nodige riffwerk hier en daar, maar de heavy stukken blijven gecontroleerd. Binnen de nummers schakelen ze fijn, zoals een Opeth dat ook wel kan, maar dan slaagt Elder er wel beter in om er wat meer gevoel en groove in te brengen. Snel en funky gitaarwerk in “Strata” trekt je wat meer mee in de opwinding, om dan weer te schakelen naar proggy sfeer, waarna de band iets in tempo terugschroeft en wat staccato riffs op ons afvuurt, waarna weer een dromerige passage passeert. Het houdt de nummers spannend en divers, al vloeit alles wel zo mooi in en door elkaar dat ik wat moeite heb individuele songs te onthouden of onderscheiden. Bij “Sight Unseen” word je echt lang in slaap gesust tot het beest wakker wordt tegen 6:50. Dat soort headbanger-riffs mag de band er best vaker ingooien. En “Blighted Age” op het einde is wel erg soft, maar Elder laat zich verder weer van alle goede kanten zien. En dat is domweg een prachtig of krachtig mooi avontuur.